**1..** De opvang van kinderen vindt in groepen plaats met dien verstande dat in een groep ten hoogste 20 kinderen gelijktijdig aanwezig zijn;
**2..** Ten minste één beroepskracht wordt ingezet voor de verzorging en opvoeding van ten hoogste:
4 kinderen in de leeftijd van 0 tot 1 jaar;
5 kinderen in de leeftijd van 1 tot 2 jaar;
6 kinderen in de leeftijd van 2 tot 3 jaar
het aantal beroepskrachten bij een gemengde groep wordt bepaald aan de hand van het gemiddelde, waarbij naar boven kan worden afgerond.
**3..** In afwijking van het tweede lid kan gedurende een beperkte tijd, doch niet meer dan anderhalf uur, na opening en voor sluiting van de peuterspeelzaal en in bijzondere omstandigheden één beroepskracht minder ingezet worden, met dien verstande dat tenminste één beroepskracht wordt ingezet.
**4..** Indien slechts één beroepskracht ingezet wordt ingevolge het tweede en derde lid, wordt naast deze beroepskracht ten minste één begeleider ingezet ter ondersteuning van die beroepskracht.
HOOFDSTUK 2
Artikel 15
Groepsgrootte en aantallen beroepskrachten.
Onderdeel van Verordening kwaliteitsregels Peuterspeelzaalwerk 2005