1.Deze verordening wordt aangehaald als: de Afstemmingsverordening Wet werk en bij
stand 2011.
2.De Afstemmingsverordening Krimpen aan den IJssel 2005 wordt gelijktijdig ingetrokken.
Aldus besloten door de raad van de gemeente Krimpen aan den IJssel in zijn openbare vergadering van 22 september 2011.
De griffier,
De voorzitter,
Algemene toelichting
Bij de totstandkoming van de WWB is het sanctiestelsel van de voorgaande bijstandswetgeving min of meer overgenomen, zij het dat wegens de specifieke vormgeving van de WWB de beleidsvrijheid van de gemeenten is vergroot. Immers: de gemeenten dragen sindsdien de financiële risico’s van de wet, hetgeen vergroting van de beleidsvrijheid ten opzichte van voorgaande jaren legitimeert. Bij de inrichting van de Afstemmingsverordening 2005 is door onze gemeente aangesloten bij de gangbare praktijk van de voorheen toepasselijke Algemene bijstandswet.
Tegelijkertijd hebben zich nieuwe ontwikkelingen voorgedaan. In dezelfde jaren is bijvoorbeeld de gedachte van Work First in de lokale praktijk doorontwikkeld. Dit was nog niet vorm gegeven in de landelijke wetgeving. De gemeenten zijn op dit terrein voorlopers geweest, in afwijking van de werkmethoden van UWV/Werkbedrijf. Met succes: de Centrale Raad van Beroep heeft deze methode van de gemeenten in de jurisprudentie toegestaan en in overeenstemming geacht met verdragsbepalingen, zij het dat de Raad extra zorgvuldigheidseisen heeft beklemtoond.
De coalitiepartijen hebben in onze gemeente –bij de totstandkoming van het coalitieakkoord- de eigen verantwoordelijkheid van de burger benadrukt. In het licht van de vorengenoemde nieuwe ontwikkelingen en gelet op bedoelde eigen verantwoordelijkheid is er voldoende aanleiding om de Afstemmingsverordening 2005 te actualiseren.
Het belangrijkste punt is wel dat de eerste standaardmaatregel van verlaging van de uitkering met 100% gedurende een maand thans wordt aangescherpt, wanneer zich bijzondere omstandigheden voordoen. Voortaan kan in dergelijke gevallen een maatregel van 100% gedurende drie maanden worden toegepast. De wet laat de gemeenten terzake vrij. Verwacht wordt dat ook deze aanscherping past binnen tot stand te brengen nieuwe jurisprudentie. Immers: de Centrale Raad van Beroep laat in CRvB 14 maart 2011, nr. 09/1860 WWB, USZ 2011/99, LJN: BP6843 reeds ruimte voor een dergelijke individualisering. Uit de jurisprudentie kan tevens worden afgeleid dat een permanente uitsluiting niet is toegestaan. Zie thans artikel 10 met de aanwijzingen voor tweede en derde categorie waarin geen permanente uitsluiting is geformuleerd.
Hoewel deze aanscherping kan leiden tot een periode van ontbrekend inkomen op bijstandsniveau, hetgeen verschulding tot gevolg kan hebben, wordt het uit oogpunt van preventieve werking verantwoord geacht om de eigen verantwoordelijkheid te benadrukken. De overige bepalingen van de verordening zijn tevens aangepast zodat een consistent geheel kan worden vastgesteld.
Artikelsgewijze toelichting