Naar hoofdinhoud
1. De maatregel wordt opgelegd met ingang van de eerst volgende kalendermaand volgend op de datum waarop het besluit tot het opleggen van de maatregel aan de belanghebbende is bekendgemaakt. Daarbij wordt uitgegaan van de voor die maand geldende bijstandsnorm of de hoogte van de bijzondere bijstand. 2. In afwijking van het eerste lid wordt de maatregel met terugwerkende kracht, door middel van een herziening van de uitkering, opgelegd als: a. de bijstand nog niet betaalbaar is gesteld; b. de belanghebbende geen bijstand meer ontvangt. 3. Een maatregel is een tijdelijke verlaging dan wel weigering van de bijstand en wordt derhalve opgelegd gedurende een vastgestelde periode. Een maatregel die voor een periode van meer dan 3 maanden wordt opgelegd, wordt uiterlijk na 3 maanden nadat deze ten uitvoer is gelegd heroverwogen.

Rechtspraak bij dit artikel