**1..** Een voorziening kan slechts worden toegekend voor zover:
deze langdurig noodzakelijk is om de beperkingen op het gebied van het wonen, het verplaatsen in en om de woning, het zich lokaal verplaatsen per vervoermiddel en bij het ontmoeten van medemensen en op basis daarvan sociale verbanden aangaan op te heffen of te verminderen;
deze noodzakelijk is om de beperkingen op het gebied van het voeren van het huishouden op te heffen;
deze, naar objectieve maatstaven gemeten, als de goedkoopst adequate voorziening kan worden aangemerkt;
deze in overwegende mate op het individu is gericht.
**2..** Geen voorziening wordt toegekend:
indien de voorziening voor een persoon als de aanvrager algemeen gebruikelijk is;
indien de aanvrager niet zijn woonplaats, zoals bedoeld in artikel 10 lid 1 en artikel 11 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek, heeft in de gemeente Putten;
indien in de beperkingen op het gebied van het voeren van het huishouden kan worden voorzien door middel van gebruikelijke zorg;
voor zover op grond van enige andere wettelijke regeling of enig privaatrechtelijke overeenkomst of verbintenis aanspraak op de voorziening bestaat;
indien in de beperkingen op het gebied van het voeren van het huishouden kan worden voorzien door middel van mantelzorg;
voor zover de ondervonden beperkingen of problemen bij het normale gebruik van de woning voortvloeien uit de aard van de in de woning gebruikte materialen;
voor zover de aangevraagde voorzieningen betrekking hebben op een hoger niveau dan het uitrustingsniveau voor sociale woningbouw;
voor zover er aan de zijde van de aanvrager geen sprake is van aantoonbare meerkosten in vergelijking met de situatie voorafgaand aan het optreden van de beperkingen waarvoor de voorziening wordt aangevraagd;
voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de aanvrager voorafgaand aan het moment van beschikken heeft gemaakt;
indien een voorziening als die waarop de aanvraag betrekking heeft reeds eerder krachtens deze, dan wel krachtens de aan deze verordening voorafgaande Verordening voorzieningen gehandicapten is verstrekt en de normale afschrijvingstermijn van de voorziening nog niet is verstreken, tenzij de eerder vergoede of verstrekte voorziening verloren is gegaan als gevolg van omstandigheden die niet aan de aanvrager zijn toe te rekenen.