Van elke kredietovereenkomst wordt een onderhandse akte opgemaakt waarin ten minste worden vermeld:
de naam en het adres van ieder van de partijen;
de kredietsom in cijfers en in letterschrift;
het totaalbedrag van de kredietvergoeding;
het effectieve kredietvergoedingspercentage op jaarbasis, berekend op de door de Minister van Financiën aangegeven wijze;
de betalingsregeling;
de bedingen betreffende zekerheidsrechten van de kredietgever, met inbegrip van een aanduiding van de zaak of zaken waarop die rechten rusten;
de bevoegdheid van de kredietnemer tot volledige of gedeeltelijke vervroegde aflossing;
de plaats en datum van ondertekening.
Hoofdstuk III › Afdeling 3
Artikel 13
Inhoud overeenkomst
Onderdeel van Reglement Gemeentelijke Kredietbank Breda