Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 4

Hoogte en duur van de maatregel

Onderdeel van Maatregelen- en handhavingsverordening IOAW en IOAZ Breda 2010

1.. Een maatregel wordt afgestemd op de ernst van de gedraging, de mate waarin de belanghebbende de gedraging kan worden verweten en de omstandigheden waarin hij verkeert. 2.. Tenzij in de verordening anders is bepaald bedraagt de duur van de maatregel een maand. 3.. De duur van de maatregel als bedoeld in het tweede lid wordt verdubbeld, indien de belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking van een besluit waarbij een maatregel is opgelegd, opnieuw schuldig maakt aan een verwijtbare gedraging van dezelfde of hogere categorie.

Rechtspraak bij dit artikel