Indien houtopstand waarop het verbod tot vellen van toepassing is,
zonder (omgevings-) vergunning of ontheffing van het bevoegd gezag
is geveld, dan wel op andere wijze teniet is gegaan, kan het bevoegd
gezag aan de zakelijk gerechtigde tot de grond waarop zich de
houtopstand bevond dan wel aan degene die uit andere hoofde tot het
treffen van voorzieningen bevoegd is, de verplichting opleggen te
herplanten overeenkomstig de door hen te geven aanwijzingen binnen
een door hen te stellen termijn.
Indien niet ter plaatse kan worden herplant wordt een financiële
bijdrage gestort in het gemeentelijk herplantfonds.
De verplichtingen en voorschriften van dit artikel 10 kunnen gelden
voor bomen kleiner dan de in artikel 1 van deze verordening genoemde
minimummaat.
Wordt een verplichting als bedoeld in het eerste lid opgelegd, dan
kan daarbij tevens worden bepaald binnen welke termijn na herplant
en op welke wijze niet aangeslagen herplant moet worden
vervangen.
Indien houtopstand waarop het verbod tot vellen van toepassing is in
het voortbestaan ernstig worden bedreigd, kan het bevoegd gezag aan
de zakelijk gerechtigde tot de grond waarop zich de houtopstand
bevindt dan wel aan degene die uit andere hoofde tot het treffen van
voorzieningen bevoegd is, de verplichting opleggen om:
overeenkomstig de door hen te geven aanwijzingen binnen een door hen
te stellen termijn voorzieningen te treffen, waardoor die bedreiging
wordt weggenomen of;
een Bomen Effect Analyse op te stellen en aan te bieden aan het
bevoegd gezag.