Naar hoofdinhoud
1.. De ombudscommissie doet over elk begrotingsjaar verantwoording van de inkomsten en uitgaven, onder overlegging van de jaarrekening met de daarbij behorende bescheiden. 2.. De jaarrekening wordt met de toelichting, aan de bevoegde organen gezonden. 3.. Deze kunnen binnen acht weken na de datum van toezending van de jaarrekening bij de ombudscommissie van hun gevoelen doen blijken. 4.. De ombudscommissie stelt de jaarrekening vast, uiterlijk vóór 1 juli volgend op het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft. 5.. De ombudscommissie zendt de vastgestelde jaarrekening met alle daarbij behorende bescheiden, uiterlijk 15 juli, toe aan Gedeputeerde Staten en aan de raden van de deelnemers.

Rechtspraak bij dit artikel