**1..** De voorzitter van het openbaar lichaam wordt in de eerste vergadering van elke zittingsperiode door het algemeen bestuur uit zijn midden aangewezen.
**2..** De voorzitter leidt de vergaderingen van het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur, conform het bepaalde daaromtrent in het reglement van orde bedoeld in artikel 13 van de regeling.
**3..** Het algemeen bestuur kan de voorzitter ontslag verlenen, indien deze het vertrouwen van het algemeen bestuur niet meer bezit.
**4..** De voorzitter ontvangt alle aan het algemeen bestuur of dagelijks bestuur gerichte stukken en brengt die zo spoedig mogelijk ter tafel in de vergadering waar zij behoren.
**5..** De agenda met de bijbehorende stukken voor de vergadering van het algemeen bestuur worden door of vanwege de voorzitter ter kennisneming toegezonden aan de raden der gemeenten.
**6..** De voorzitter is in spoedeisende gevallen bevoegd een voorlopig onderzoek van stukken te doen plaatshebben en geeft daarvan kennis in de eerstvolgende vergadering van het dagelijks bestuur.
**7..** De voorzitter vertegenwoordigt het openbaar lichaam in en buiten rechte.
**8..** Bij afwezigheid van de voorzitter wordt de voorzitter vervangen door een hiertoe door het dagelijks bestuur uit zijn midden aan te wijzen lid.