Indien de aanvrager de in het artikel 13 bedoelde gegevens en
bescheiden niet of in onvoldoende mate verstrekt bij het
indienen van de aanvraag, stellen burgemeester en wethouders de
aanvrager in de gelegenheid deze binnen een termijn van vier
weken nadat hem dit is medegedeeld, aan te vullen of te
verbeteren.
Burgemeester en wethouders kunnen, indien de aanvrager niet
voldaan heeft aan het in het vorige lid gestelde, besluiten de
aanvraag buiten behandeling te stellen. Een dergelijk besluit
wordt aan de aanvrager bekend gemaakt binnen vier weken nadat de
aanvraag onvoldoende is aangevuld of nadat de daarvoor gestelde
termijn ongebruikt verstreken is.