1. Indien na afloop van de zitting maar voordat het advies wordt
opgesteld, nader onderzoek wenselijk blijkt te zijn, kan de voorzitter
uit eigen beweging of op verlangen van de commissie dit onderzoek
houden.
2. De uit nader onderzoek verkregen informatie wordt in afschrift aan de
leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbende(n)
toegezonden.
3. De leden van de commissie, het verwerend orgaan en de
belanghebbende(n) kunnen binnen een week na verzending van de in het
eerste lid bedoelde nadere informatie aan de voorzitter van de commissie
een verzoek richten tot het beleggen van een nieuwe hoorzitting. De
voorzitter beslist omtrent een dergelijk verzoek.
4. Op een nieuwe hoorzitting, als bedoeld in het derde lid, zijn de
bepalingen in deze verordening, die betrekking hebben op de hoorzitting
zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing.
HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 2
Artikel 15
Nader onderzoek
Onderdeel van Verordening behandeling bezwaarschriften personele aangelegenheden