1. Het schriftelijk advies wordt, onder medezending van het verslag als
bedoeld in artikel 14 en eventueel door de commissie ontvangen nadere
informatie, tijdig uitgebracht aan het bestuursorgaan dat op het
bezwaarschrift dient te beslissen.
2. Indien naar het oordeel van de voorzitter van de commissie de
termijn van 10 weken, als bedoeld in artikel 7:10, eerste lid, van de
wet, ontoereikend is voor achtereenvolgens het uitbrengen van een advies
door de commissie en het nemen van een beslissing verzoekt hij het in
het eerste lid bedoelde bestuursorgaan tijdig de beslissing te verdagen.
3. Van een besluit tot verdaging ontvangen de commissie en de
belanghebbende(n) een afschrift.
HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 2
Artikel 17
Uitbrengen advies
Onderdeel van Verordening behandeling bezwaarschriften personele aangelegenheden