Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 4

Artikel 2.4.13

Verblijfsontzegging in verband met alcohol en/of drugs

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Dordrecht

1. Het is degene die op de weg of in een voor het publiek toegankelijk gebouw middelen als bedoeld in de artikelen 2 en 3 van de Opiumwet gebruikt of verhandelt, of daartoe post vat of zich heen en weer beweegt, of zich gedraagt in strijd met de artikelen 2.4.8 en 2.4.11, verboden zich te bevinden in (een) door het college aangewezen gebied(en) en in voor het publiek toegankelijke gebouwen die in dat gebied gelegen zijn, nadat dit aan diegene – in het belang van de openbare orde naar het oordeel van de burgemeester - bij diens besluit is bekendgemaakt. 2. Het verbod gesteld in het eerste lid geldt gedurende het in het besluit van de burgemeester genoemde tijdvak van maximaal viermaal 24 uur. 3. Het bepaalde in het eerste lid geldt niet, indien de belanghebbende in (een) door het college aangewezen gebied(en) zijn woning heeft, zijn werk of beroep uitoefent of hulpverlenende instanties bezoekt.

Rechtspraak bij dit artikel