**1.** Het is verboden op het trottoir een fiets, brommobiel, snor- of
bromfiets zodanig te plaatsen of te laten staan dat er
onvoldoende ruimte overblijft voor invalidenwagens,
kinderwagens, en dergelijke.
**2.** Het is verboden op of nabij een aangebrachte geleidelijn voor
blinden een fiets, brommobiel, snor- of bromfiets te plaatsen of
te laten staan.
**3.** Het is verboden op of aan de weg een fiets, brommobiel, snor- of
bromfiets te plaatsen of te laten staan tegen een raam, een
raamkozijn, een deur, de gevel van een gebouw dan wel in de gang
van een portiek, indien:
dit in strijd is met de uitdrukkelijk verklaarde wil van
de gebruiker van dat gebouw of dat portiek;
daardoor de ingang versperd wordt.
**4.** Het is verboden op de door het college of de burgemeester
aangewezen uren en plaatsen zich met een fiets, brommobiel,
snor- of bromfiets te bevinden op een door het college of de
burgemeester aangewezen terrein waar een markt, kermis,
uitvoering, bijeenkomst of plechtigheid gehouden wordt die
publiek trekt, mits dit verbod kenbaar is aan de bezoekers van
het terrein.
**5.** Het college kan gebieden aanwijzen waar het verboden is om
buiten de daarvoor aangewezen stallingsruimte fietsen,
brommobiel, en snor- of bromfietsen te plaatsen.
**6.** Het is verboden om een (brom)fiets, al dan niet voor
onmiddellijk gebruik geschikt, langer dan vier weken onbeheerd
in een fietsenstalling in een door het college aangewezen zone
achter te laten.
HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 4
Artikel 2.4.17
Overlast van fiets, snor- of bromfiets en brommobiel
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Dordrecht