Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3 › Paragraaf 2

Artikel 3.2.2

Eisen waaraan de exploitant en de leidinggevenden moeten voldoen

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Dordrecht

1. De exploitant en de leidinggevenden: staan niet onder curatele; zijn niet ontzet uit de ouderlijke macht of de voogdij; hebben de leeftijd van eenentwintig jaar bereikt; zijn niet in enig opzicht van slecht levensgedrag. 2. Naast de gestelde eisen in het eerste lid zijn de exploitant en de leidinggevenden niet: met toepassing van artikel 37 van het Wetboek van Strafrecht in een psychiatrisch ziekenhuis geplaatst of met toepassing van artikel 37a van het Wetboek van Strafrecht ter beschikking gesteld; binnen de laatste vijf jaar onherroepelijk veroordeeld tot een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf van zes maanden of meer door de rechter in Nederland, de Nederlandse Antillen of Aruba, dan wel door een andere rechter wegens een misdrijf waarvoor naar Nederlands recht een bevel tot voorlopige hechtenis ingevolge artikel 67, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering is toegelaten; binnen de laatste vijf jaar bij tenminste twee rechterlijke uitspraken onherroepelijk veroordeeld tot een onvoorwaardelijke geldboete van 500 euro of meer of tot een andere hoofdstraf als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder a, van het Wetboek van Strafrecht, wegens, dan wel mede wegens overtreding van: bepalingen gesteld bij of krachtens de Drank- en Horecawet, de Opiumwet, de Vreemdelingenwet en de Wet arbeid vreemdelingen; de artikelen 137c tot en met 137g, 140, 141, 197a, b en c, 240b, 242 tot en met 249, 250a, 252, 287 tot en met 289, 300 tot en met 303, 326 en 326a, 416, 417, 417bis, 426, 429quater en 453 van het Wetboek van Strafrecht; de artikelen 8 en 162, derde lid, alsmede artikel 6j* artikel 8 of j* artikel 163 van de Wegenverkeerswet 1994; de artikelen 1, onder a, b en d, 13, 14, 27 en 30b van de Wet op de kansspelen; de artikelen 2 en 3 van de Wet op de Weerkorpsen of de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus; de artikelen 54 en 55 van de Wet wapens en munitie. 3. De exploitant of leidinggevenden is (zijn) binnen de laatste vijf jaar geen exploitant of leidinggevenden geweest van een seksinrichting of escortbedrijf dat voor tenminste één maand door het bevoegde bestuursorgaan is gesloten, of waarvan de vergunning als bedoeld in artikel 3.2.1 is ingetrokken, tenzij aannemelijk is dat hem ter zake geen verwijt treft. 4. Met een veroordeling als in het tweede lid wordt gelijk gesteld: vrijwillige betaling van een geldsom als bedoeld in artikel 74, tweede lid, onder a, van het Wetboek van Strafrecht of artikel 76, derde lid, onder a, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, tenzij de geldsom minder dan 375 euro bedraagt; een bevel tot tenuitvoerlegging van een voorwaardelijke straf. 5. De periode van vijf jaar, genoemd in het tweede lid, wordt: bij de weigering van een vergunning teruggerekend vanaf de datum van indiening van de aanvraag; bij de intrekking van een vergunning teruggerekend vanaf de datum van intrekking van deze vergunning.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel