Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3 › Paragraaf 2

Artikel 3.2.6

Raam- en straatprostitutie

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Dordrecht

1. Het is verboden op of aan de weg, op een andere voor publiek toegankelijke plaats of op een plaats zichtbaar vanaf de weg of vanaf een andere voor publiek toegankelijke plaats, door handelingen, houding, woord of gebaar, of op andere wijze, passanten tot prostitutie te bewegen, uit te nodigen dan wel aan te lokken. 2. Met het oog op de naleving van het in het eerste lid gestelde verbod kan door politieambtenaren het bevel worden gegeven zich onmiddellijk in een bepaalde richting te verwijderen. 3. De burgemeester kan met het oog op de in artikel 3.3.1 genoemde belangen personen aan wie tenminste eenmaal een bevel is gegeven als bedoeld in het tweede lid, bij besluit verbieden zich gedurende een periode van ten hoogste twaalf weken, anders dan in een openbaar middel van vervoer, te bevinden op of aan de in het besluit genoemde wegen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel