In de artikelen 4.4.2 tot en met 4.4.11 wordt verstaan onder:
boom: een houtachtig overblijvend gewas, dat op 1,30 m boven
het maaiveld een doorsnee heeft van 10 cm of meer;
kappen: vellen, zagen, rooien, verplaatsen, alsmede het
verrichten van handelingen die de dood of ernstige boven- of
ondergrondse beschadiging van een boom ten gevolge kunnen
hebben, met uitzondering van normaal onderhoud, waaronder
het periodiek vellen van grienden en hakhout;
boomwaarde: de waarde van een boom, berekend aan de hand van
de taxatiemethodiek van de Nederlandse Vereniging van
Taxateurs van Bomen;
binnenstad: dat deel van de stad dat ligt ten noorden van de
spoorlijn en ten westen van de Toulonselaan en
Oranjelaan;
bomenlijst: de door het college vastgestelde lijst met
waardevolle bomen, bomengroepen of –complexen;
complex in bomenlijst: Binnenstad, Wantijpark, Weizigtpark,
Amstelwijck, Gravenstein, Louterbloemen, Landgoed Crabbehof
e.o., Landgoed Dordwijik e.o., Dubbelsteynpark,
Elzenhagen.
HOOFDSTUK 4 › Paragraaf 4
Artikel 4.4.1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Dordrecht