Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 5 › Paragraaf 3

Artikel 5.3.1

Gebruik van openbaar water

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Dordrecht

1. Bij toepassing van artikel 2.1.10 lid 1 voor het gebruik van openbaar water is het daar bedoelde verbod niet van toepassing op voorwerpen waarop gedachten of gevoelens, als bedoeld in artikel 7 lid 1 Grondwet worden geopenbaard. 2. Het is verboden op, in of boven openbaar water voorwerpen waarop gedachten of gevoelens worden geopenbaard, als bedoeld in het voorgaande lid te plaatsen, aan te brengen of te hebben, indien deze door hun omvang of vormgeving, constructie of plaats van bevestiging gevaar opleveren voor de bruikbaarheid van het openbaar water of voor het doelmatig en veilig gebruik daarvan, danwel een belemmering vormen voor het doelmatig beheer en onderhoud van het openbaar water. 3. Het verbod in het tweede lid geldt niet voorzover in de daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door het Wetboek van Strafrecht, de Scheepvaartverkeerswet, het Binnenvaartpolitiereglement, de Wet beheer rijkswaterstaatswerken, de Provinciale vaarwegenverordening Zuid-Holland de Telecommunicatiewet of de daarop gebaseerde Telecommunicatieverordening.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel