**1.** Bij toepassing van artikel 2.1.10 lid 1 voor het gebruik van
openbaar water is het daar bedoelde verbod niet van toepassing
op voorwerpen waarop gedachten of gevoelens, als bedoeld in
artikel 7 lid 1 Grondwet worden geopenbaard.
**2.** Het is verboden op, in of boven openbaar water voorwerpen waarop
gedachten of gevoelens worden geopenbaard, als bedoeld in het
voorgaande lid te plaatsen, aan te brengen of te hebben, indien
deze door hun omvang of vormgeving, constructie of plaats van
bevestiging gevaar opleveren voor de bruikbaarheid van het
openbaar water of voor het doelmatig en veilig gebruik daarvan,
danwel een belemmering vormen voor het doelmatig beheer en
onderhoud van het openbaar water.
**3.** Het verbod in het tweede lid geldt niet voorzover in de daarin
geregelde onderwerp wordt voorzien door het Wetboek van
Strafrecht, de Scheepvaartverkeerswet, het
Binnenvaartpolitiereglement, de Wet beheer
rijkswaterstaatswerken, de Provinciale vaarwegenverordening
Zuid-Holland de Telecommunicatiewet of de daarop gebaseerde
Telecommunicatieverordening.
HOOFDSTUK 5 › Paragraaf 3
Artikel 5.3.1
Gebruik van openbaar water
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Dordrecht