**1..** In afwijking van het bepaalde in artikel 5.2.10, blijven
vergunningen en ontheffingen - hoe ook genaamd - verleend krachtens
de in artikel 6.5 lid 3 vermelde verordeningen- indien en voorzover
het gebod of verbod waarop de vergunning of ontheffing betrekking
heeft, ook vervat is in deze verordening en voorzover zij niet
eerder zijn vervallen of ingetrokken - van kracht tot de termijn
waarvoor zij werden verleend, is verstreken of totdat zij worden
ingetrokken.
**2..** Voorschriften en beperkingen opgelegd krachtens de in artikel 6.5
lid 3 vermelde verordeningen blijven – indien en voorzover de
bepalingen ingevolge welke deze verplichtingen zijn opgelegd, ook
zijn vervat in deze verordening – van kracht tot de termijn waarvoor
zij zijn opgelegd, is verstreken of totdat zij worden
ingetrokken.
**3..** Vergunningen en ontheffingen als bedoeld in het eerste lid en
verplichtingen bedoeld in het tweede lid, worden geacht
vergunningen, ontheffingen en verplichtingen in de zin van deze
verordening te zijn.
**4..** Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening
een aanvraag om een vergunning of ontheffing - hoe ook genaamd - op
grond van de in artikel 6.5 lid 3 vermelde verordeningen, is
ingediend en voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze
verordening nog niet op die aanvraag is beslist, wordt daarop de
overeenkomstige bepaling van de onderhavige verordening toegepast.
**5..** Op een aanhangig bezwaarschrift, betreffende een vergunning of
ontheffing, bedoeld in het eerste lid, dan wel een voorschrift of
beperking bedoeld in het tweede lid dat voor of na het tijdstip
bedoeld in artikel 6.5, tweede lid, is ingekomen binnen de voordien
geldende termijn, wordt beslist met toepassing van de in artikel 6.5
derde lid vermelde verordeningen.
**6..** De intrekking van de verordeningen vermeld in artikel 6.5, derde
lid, heeft geen gevolgen voor de geldigheid van op basis van die
verordening genomen nadere regels, beleidsregels en
aanwijzingsbesluiten, indien en voorzover de rechtsgrond waarop de
aanwijzingsbesluiten zijn gebaseerd ook vervat is in deze
verordening en voorzover zij niet eerder zijn vervallen of
ingetrokken.
**7..** De eisen, vermeld in artikel 2.3.3 en 3.2.2 lid 1 sub d gelden niet
gedurende 12 maanden na datum van in werkingtreding als vermeld in
artikel 6.5. lid 2 APV voor vergunningen die zijn afgegeven op grond
van de bepalingen van de verordeningen, als vermeld in artikel 6.5
lid 3 APV.