De burgerraadsleden worden door de raad in de adviescommissie benoemd. Elke in de gemeenteraad vertegenwoordigde fractie draagt daarbij voor benoeming maximaal het in artikel 5 aangeven aantal burgerraadsleden voor.
De commissievoorzitter wordt door de raad uit zijn midden benoemd op voordracht van het presidium.
De kamervoorzitters worden door de raad benoemd uit de in artikel 5a. en b. bedoelde leden van de adviescommissie op voordracht van de fracties.
Onverminderd het bepaalde in het derde lid kan de raad voor elk van de Dordtse Kamer als bedoeld in artikel 3, eerste lid, daarnaast een externe voorzitter benoemen die namens de voorzitter als bedoeld in het derde lid van dit artikel de Kamervergaderingen leidt. De externe voorzitter heeft alle bevoegdheden van de Kamervoorzitter, met dien verstande dat hij geen stem mag uitbrengen.
De benoeming van een externe voorzitter als bedoeld in het vorige lid ontslaat de voorzitter als bedoeld in het derde lid van dit artikel niet van zijn verantwoordelijkheid als voorzitter.
Waar in deze verordening na dit artikel de voorzitter staat, wordt daarmee tevens bedoeld de externe voorzitter, voor zover het artikel of artikellid of onderdeel daarvan betrekking heeft op een vergadering van een Dordtse Kamer of de Dordtse Kamers.
Hoofdstuk 3
Artikel 6
Artikel 6
Onderdeel van Verordening regelende de taken, bevoegdheden, samenstelling en werkwijze van de vaste adviescommissie van de raad