**1.** Doelstelling
Het bieden van een gevarieerd, toegankelijk en kwalitatief goed aanbod aan buitenspeelmogelijkheden, waarmee bijgedragen wordt aan:
een aantrekkelijk vestigingsklimaat en een veilige woon- en leefomgeving voor gezinnen met (jonge) kinderen;
de persoonlijke en sociale ontwikkeling en de gezondheid van de jeugd.
**2.** Beleidskader/producten/activiteiten
het bijdragen aan de instandhouding van een moderne en veilige inrichting van in verenigingsverband beheerde en geëxploiteerde buitenspeelruimten, alsmede de daarbij behorende slecht weer accommodatie;
het ondersteunen van organisaties die het in hun eigendom zijnde terrein beschikbaar stellen en speciaal onderhouden als openbare speelplaats c.q. trapveld.
**3.** Subsidievormen
Waarderingsubsidie.
Investeringsubsidie.
**4.** Subsidiabele organisaties
Speeltuinorganisaties.
Rechtspersoonlijkheid bezittende organisaties die hun terrein, niet zijnde een schoolplein, beschikbaar stellen als openbaar speel- en trapveldje en daar voor eigen rekening, dus zonder overheidsvergoeding, onderhoudskosten voor maken.
**5.** Specifieke voorschriften en beleidsontwikkelingen
● Vaste subsidienorm van € 250,00 voor onderhoud aan niet onder gemeentelijk eigendom vallende openbare trap- en speelveldjes;
● Formele speeltuinorganisaties kunnen voor renovatie, nieuwbouw en uitbreiding van in hun eigendom zijnde slecht weer accommodatie een beroep doen op de investeringsubsidieregeling;
● De huidige vaste subsidienormen voor de speeltuinverenigingen zijn in 2007 op historische gronden bepaald op resp. € 6.400,00 (Robbedoes) en € 3.900,00(Ossenkop en Spölhuuksken). Deze bedragen waren gebaseerd op enerzijds een vaste bijdrage in de algemene exploitatiekosten van € 1.430,00 met daarnaast een bijdrage in onderhoud en afschrijving van de speeltoestellen (resp. € 5.000,00 en € 2.500,00). De speeltuinverenigingen zijn dus bij de grote bezuinigingsoperatie in 2007 buiten schot gebleven. Met de hernieuwd opgelegde taakstellende bezuinigingsopdracht ontkomen we er niet aan dat nu ook kritisch naar deze organisaties gekeken wordt. Twee van de drie speeltuinverenigingen hebben een eigen accommodatie enkunnen naast het waarderingsubsidie tevens, via de investeringsubsidieregeling, al een beroep doen op een aanvullende gemeentelijke financiële impuls. Omdat zij daarnaast ook inkomsten verwerven door verhuur van hun accommodatie aan derden, achten wij het reëel en verdedigbaar de waarderingsubsidie van deze twee speeltuinen naar beneden bij te stellen.’t Spölhuuksken (Aalten Zuid) huurt echter hun onderkomen van de gemeente en zijn daarnaast beperkt in hun onderverhuurmogelijkheden. Omdat zij dus geen beroep kunnen doen op alternatieve inkomstenbronnen zou korting op hun subsidie in onze ogen onredelijk zijn. Daar sinds 2007 feitelijk geen sprake meer is van exploitatiesubsidies en bij de harmonisatie van het subsidiebeleid bepaald is dat de organisaties zelf verantwoordelijk zijn voor het sluitend krijgen en houden van hun jaarlijkse exploitatie stellen wij voor het voormalige exploitatiedeel in mindering te brengen op de voormalige vaste subsidienorm van 2007. Omdat dit aandeel bij De Ossenkop procentueel een groter deel van de vaste subsidienorm uitmaakt, zou het onverkort doorvoeren hiervan voor deze speeltuin echter negatiever uitvallen dan voor Robbedoes. Rechtsgelijke behandeling noopt ons er dan ook toe daarom deze speeltuin procentueel gelijk te korten als de afname van de subsidie voor Robbedoes. Robbedoes gaat van € 6.400,00 naar € 5.000,00 (-/- 1.400,00, minus 22%). Dit percentage loslatende op de andere speeltuin (€ 3.900,00) levert een nieuwe subsidienorm op van afgerond € 3.000,00. Wij stellen voor deze nieuwe norm in te voeren ingaande 2013. Een andere, meer procedurele dan inhoudelijke, aanleiding voor het neerwaarts bijstellen van het hoogste vaste subsidienorm voor speeltuinen naar maximaal € 5.000,00 is gelegen in de uitgangspunten van de in februari vastgestelde nieuwe Algemene Subsidieverordening Gemeente Aalten 2011. Om daadwerkelijk te kunnen spreken van een verantwoording- en bestedingsvrij waarderingsubsidie mag deze volgens de nieuwe ASV 2011 jaarlijks niet hoger zijn dan € 5.000,00. Het neerwaarts bijstellen van de voor Robbedoes van toepassing zijnde subsidienorm is dus overeenkomstig de nieuwe ASV 2011 en de subsidieverlaging wordt in ieder geval deels gecompenseerd door het achterwege kunnen blijven van het jaarlijks verplicht opstellen en indienen van een financiële verantwoording aan de gemeente. Daarmee wordt nu het subsidie ook volledig bestedingsvrij.
● Van de gesubsidieerde speeltuinverenigingen wordt verder wel verwacht dat zij:
* voldoende geopend zijn, gerelateerd aan schooltijden en vakantieperiodes;
* gedurende openstellingtijden zorg dragen voor voldoende gekwalificeerd toezicht;
* het tot de speeltuinaccommodatie behorende terrein beveiligd houden en voor een pedagogisch verantwoorde inrichting met, overeenkomstig de daarvoor geldende normen, veilige speelvoorzieningen zorgen.
Hoofdstuk 3 › Afdeling 3.1
Artikel 3.1.2
Speeltuinen en openbare speelplaatsen
Onderdeel van Subsidiebeleidsregels Welzijn gemeente Aalten 2011-2014