Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 4

Specifieke voorschriften

Onderdeel van Subsidiebeleidsregels Welzijn gemeente Aalten 2011-2014

► Het te verstrekken investeringsubsidie is afhankelijk van het aantal actieve leden c.q.deelnemers en bedraagt per aanvraag maximaal € 8.000,00 van 20 tot 50 leden/deelnemers, € 20.000,00 bij 50 tot 100 leden/deelnemers, € 40.000,00 bij 100 tot 150 leden/deelnemers, € 60.000,00 bij 150 tot 200 leden/deelnemers en € 80.000,00 bij 200+leden/deelnemers. ► Aanvragen voor investeringsubsidies worden jaarlijks op volgorde van      binnenkomst behandeld, waarbij als datum geldt het moment waarop een aanvraag als volledig beschouwd kan worden. ► Indien de raad een subsidieplafond heeft ingesteld, kan het toekennen van een investeringsubsidie slechts plaatsvinden zolang het daartoe beschikbaar gestelde budget dat toelaat. Als dit niet het geval is beslist de raad op dat moment of er, naar zijn mening, voldoende financiële middelen beschikbaarzijn om het verzoek te kunnen honoreren. ► Aanvragen die binnenkomen nadat het subsidieplafond, indien als zodanig bepaald, is bereikt, kunnen na overleg, worden doorgeschoven naar het      volgende kalenderjaar. ► De aanvrager zal, naar het oordeel van het college, voldoende aannemelijkmoeten kunnen onderbouwen, dat er een noodzakelijke behoefte bestaat aan de boogde nieuwbouw, uitbreiding of renovatie. Technische en economische levensduur van de te vervangen accommodatie, alsmede aantoonbaar effectief en efficiënt gebruik van (delen van) de beoogde nieuwe bebouwing, zullen bij die beoordeling van belang zijn. ► Het investeringssubsidie voor nieuwe of te vervangen accommodatie wordt beperkt tot maximaal de aan de voor bouw en inrichting landelijk gestelde normen (bijv. normen NOC*NSF), voor zover daarvan bij de aanvraag sprake  zou zijn. ► Als subsidiabele investeringskosten worden alleen die kosten beschouwd die gemaakt worden voor die ruimten, die strikt noodzakelijk zijn voor de uitoefening van de subsidiabele hoofdactiviteiten van de aanvrager. Ruimten als keukens, kantines, tribunes, bestuur- en vergaderruimtes vallen hier niet onder. ► Bij buitensportverenigingen komen strikt de kosten voor kleed- en doucheruimten (incl. sanitair) voor subsidie in aanmerking. ► Investeringsubsidie wordt alleen toegekend indien de aanvrager concreet aantoont dat er, naast het subsidie, afdoende dekkingsmiddelen beschikbaar zijn voor de financiering van de gehele investering. ► Aan de toekenning van een investeringsubsidie wordt als voorwaarde een bepaling verbonden dat indien blijkt dat het gebouw (of de voorziening) niet behoorlijk wordt onderhouden, niet overeenkomstig zijn bestemming wordt gebruikt of zonder voorafgaande toestemming geregeld wordt gebruikt voor andere doeleinden dan waarvoor het is opgericht, de bijdrage geheel of gedeeltelijk kan worden teruggevorderd; Daarnaast komen de op het gebouw rustende zakelijke belastingen (onroerende zaak-belasting en waterschapslasten) voor rekening van de vereniging. ► Met het uitvoeren van de werkzaamheden, voortvloeiend uit de beoogde investering, mag niet eerder worden gestart dan na het vallen van een definitief besluit van het college omtrent het toekennen van een investeringsubsidie. ► Een vereniging kan slechts één aanvraag voor een investeringsubsidie per boekjaar indienen. Hiermee wordt mede bedoeld dat daar waar naar de mening van het college van Burgemeester en Wethouders duidelijk sprake is van een samenhangend geheel van renovatie-, ver- of nieuwbouwwerkzaamheden slechts eenmalig een investeringsubsidieaanvraag kan worden ingediend en subsidietechnisch geen sprake kan zijn van het opknippen en over meerdere boekjaren verspreid uitvoeren van een samenhangend investeringswerk. ► Geen investeringsubsidie kan worden aangevraagd voor vervanging, uitbreiding of renovatie van verenigingsgebouwen, waarvoor op basis van een privatiseringsbesluit de exploitatie en het beheer expliciet aan de vereniging/instelling is overgedragen.

Rechtspraak bij dit artikel