Naar hoofdinhoud

Artikel 1

Begripsbepalingen

Onderdeel van Procedureverordening advisering tegemoetkoming planschade

1. In deze verordening wordt verstaan onder: a. aanvrager: degene die een aanvraag om tegemoetkoming in de schade als bedoeld in artikel 6.1 Wet ruimtelijke ordening indient; b. adviseur: de door het college van burgemeester en wethouders aan te wijzen persoon als bedoeld in artikel 6.1.1.1, onder c, Besluit ruimtelijke ordening; c. adviescommissie: schadebeoordelingscommissie als bedoeld in artikel 3, vierde lid van deze verordening; d. belanghebbenden: belanghebbenden als bedoeld in artikel 6.4a, tweede en derde lid van de Wet ruimtelijke ordening; e. besluit: Besluit ruimtelijke ordening; f. college: het college van burgemeester en wethouders; g. planologische maatregel: oorzaak als bedoeld in artikel 6.1, tweede lid, Wet ruimtelijke ordening; h. planschade: schade als bedoeld in artikel 6.1, eerste lid, Wet ruimtelijke ordening; i. wet: Wet ruimtelijke ordening. 2. Deze verordening is van toepassing op verzoeken om planschade als bedoeld in artikel 1, lid 1, sub h die zijn ingediend: a. op of na 1 juli 2008 en die betrekking hebben op planologische maatregelen als bedoeld in artikel 1, lid 1 sub g die na 1 juli 2008 van kracht geworden zijn; b. tussen 1 juli 2008 en 1 september 2010 en die betrekking hebben op planologische maatregelen als bedoeld in artikel 1, lid 1 sub g die tussen 1 september 2005 en 1 juli 2008 van kracht geworden zijn, met dien verstande dat voor deze verzoeken het maatschappelijk risico als bedoeld in artikel 6.2, lid 1 van de Wet ruimtelijke ordening niet van toepassing is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel