Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4.

Artikel 14

Onderhoudsverplichting

Onderdeel van Subsidieverordening Gemeentelijk Restauratiefonds Dordrecht (GRD) 2003

1). Burgemeester en wethouders leggen een onderhoudsverplichting op aan eigenaren die gebruik hebben gemaakt van de GRD-hypotheek of een bijdrage-ineens. 2). Na het treffen van de voorzieningen en aansluitend aan het verstrekken van de verleningsbeschikking wordt door een daartoe door burgemeester en wethouders aangewezen instantie een bouwtechnisch rapport (de nul-meting) opgemaakt. 3). De eigenaar wordt geacht voor een periode van 15 jaar gerekend vanaf de datum van afgifte van de vaststellingsbeschikking het monument ten minste in de technische staat te houden zoals vastgelegd in de nul-meting. 4). Elke vijf jaar, voor het eerst vijf jaar na vastlegging van de nul-meting, wordt in opdracht van burgemeester en wethouders een bouwtechnisch rapport opgemaakt 5). Indien uit de bouwtechnische rapportages, zoals bedoeld in het vierde lid, blijkt dat niet aan de in lid 3 van dit artikel bedoelde onderhoudsverplichting wordt voldaan, zullen burgemeester en wethouders, al naar gelang de ernst van de overtreding kunnen besluiten te eisen dat: de technische staat binnen acht weken op kosten van de eigenaar op het niveau van de nul-meting wordt gebracht; de GRD-hypotheek (de laagrentende lening) zal worden omgezet in een hypotheek met een gewijzigd rentepercentage (marktconform); de bijdrage-ineens geheel of gedeeltelijk moet worden terug betaald. 6). De onderhoudsverplichting dient in de vorm van een kettingbeding bij vervreemding van het monument te worden overgedragen aan de opvolgende eigenaar.

Rechtspraak bij dit artikel