Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 18

Artikel 18

Onderdeel van Verordening op de Sportraad

1.. Het Algemeen Bestuur en Dagelijks Bestuur kunnen zich bij de vervulling van de hun opgedragen taken laten adviseren en doen bijstaan door maximaal vijf permanente commissies en maximaal twee commissies ad hoc. 2.. De onder 1. genoemde commissies kunnen zich bij de vervulling van de hun opgedragen taken laten adviseren en doen bijstaan door werkgroepen. 3.. Alvorens een beslissing te nemen vraagt het Algemeen dan wel het Dagelijks Bestuur aan de permanente commissies en/of commissies ad hoc - elk voor het door hen bestreken terrein - advies over de daarvoor in aanmerking komende zaken. 4.. Het voorzitterschap van de commissies wordt bekleed door een lid van het Dagelijks Bestuur. 5.. De leden van de permanente commissies worden op persoonlijke titel door het Algemeen Bestuur benoemd. 6.. De leden van de commissie ad hoc worden op persoonlijke titel benoemd door het Algemeen Bestuur of door het Dagelijks Bestuur. 7.. De leden van een werkgroep worden op voorstel van een commissie door het Dagelijks Bestuur benoemd. 8.. Het secretariaat van de commissies wordt gevoerd vanwege het secretariaat van de Sportraad. 9.. De zittingsperiode van de permanente commissies en van de werkgroepen valt samen met de zittingsperiode van het Algemeen Bestuur.

Rechtspraak bij dit artikel