De Sportraad kan de in artikel 2 genoemde doelstelling trachten te bereiken door:
het bestuderen van de vraagstukken die verband houden met de ontwikkeling op het gebied van de lichamelijke opvoeding en sport in de gemeente;
het bevorderen van het overleg en de samenwerking tussen organisaties, instellingen en personen, die op het gebied van de lichamelijke opvoeding en sport in de gemeente werkzaam zijn, alsmede behartiging van hun daarvoor in aanmerking komende belangen;
het verstrekken van adviezen - desgevraagd of uit eigen beweging - aan de gemeenteraad of aan burgemeester en wethouders over alle zaken die het gemeentelijk beleid op het terrein van de lichamelijke opvoeding en sport betreffen, alsmede over alle onderwerpen die het belang van de lichamelijke opvoeding en sport raken;
het verstrekken van adviezen - desgevraagd of uit eigen beweging – aan organisaties, instellingen en personen, die op het terrein van sport in de gemeente werkzaam zijn;
het uitvoeren of medewerken aan de uitvoering van de gemeentelijke regelingen op het terrein van de lichamelijke opvoeding en sport voorzover de gemeenteraad daartoe besluit en met inachtneming van de door de gemeenteraad te stellen regelen;
het uitoefenen van bevoegdheden, verband houdende met de gemeentelijke bemoeiingen op het terrein van de lichamelijke opvoeding en sport, indien de gemeenteraad of burgemeester en wethouders besluiten deze bevoegdheden over te dragen;
het verrichten van werkzaamheden op organisatorisch terrein van de sport, zulks met inachtneming van de zelfstandigheid van de op het betrokken terrein in de gemeente werkzame organisaties, instellingen en personen;
het verstrekken van voorlichting en verlenen van bemiddelingen op het terrein van de lichamelijke opvoeding en sport;
het onderhouden van contacten met organen, organisaties, instellingen en personen, die buiten de gemeente op het terrein van sport werkzaam zijn;
het beheer van gemeentegoederen voorzover dit door burgemeester en wethouders aan de Sportraad is overgedragen.