In deze verordening wordt verstaan onder:
asbus: een bus om de as van een overledene in te bewaren;
begraafplaats: de begraafplaats ‘Jaffa’, ‘Iepenhof’ of
‘Kanaalweg’ te Delft;
beheerder: de houder van de begraafplaats, zoals bedoeld in de
Wet op de lijkbezorging;
belanghebbende: de belanghebbende bij een algemeen graf;
college: het college van burgemeester en wethouders;
gedenkplaats: een plaats om overledenen te gedenken;
graf: een gegraven laatste rustplaats waar het lichaam of de as
van een overledene wordt begraven of bijgezet;
grafbedekking: alles wat door een rechthebbende of
belanghebbende op een graf wordt aangebracht, zoals
gedenktekens, beplanting, zerken, versierselen en
dergelijke;
grafkelder: een betonnen of gemetselde constructie, waarin een
of meerdere overledenen worden begraven of asbussen worden
bijgezet;
overledene: een lijk in de zin van de Wet op de
lijkbezorging;
rechthebbende: de rechthebbende op een particulier graf;
urn: een pot of vaas waarin een asbus wordt bewaard;
urnengraf: een graf waar asbussen en/of urnen worden
bijgezet;
urnennis: een nis waar asbussen en/of urnen worden
bijgezet;
verstrooiingsplaats: een plaats waar as wordt verstrooid;
wet: de Wet op de lijkbezorging.
wettelijke grafrusttermijn: de termijn als bedoeld in artikel
31, tweede lid van de wet.
Hoofdstuk I.
Artikel 1.
Begripsbepalingen
Onderdeel van Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen Delft