Naar hoofdinhoud

Artikel 1.

Begripsomschrijving

Onderdeel van Fraudeverordening 2010

1.. In deze verordening wordt verstaan onder: het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Montferland; de wet: de Wet werk en bijstand (WWB), de Wet investeren in jongeren (WIJ), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijke arbeidsongeschikte werknemers (Ioaw), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijke arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (Ioaz). bijstand: de bijstand zoals genoemd in artikel 5, onderdeel a van de WWB; Inkomensvoorziening: de inkomensvoorziening, bedoeld in artikel 24 van de WIJ. Uitkering: de uitkering zoals bedoeld in de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijke arbeidsongeschikte werknemers (Ioaw), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijke arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (Ioaz). benadelingsbedrag: het netto-bedrag aan bijstand/inkomensvoorziening dat ten onrechte of tot een te hoog bedrag is verleend; inlichtingenplicht: de verplichtingen genoemd in artikel 17 van de WWB, artikel 44 van de WIJ, artikel 13 lid 1 Ioaw, artikel 13 lid 1 Ioaz en de artikelen 28, lid 2 en 29 lid 1 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen (SUWI); De maatregelverordening WWB: de verordening gebaseerd op artikel 8 lid 1 onderdeel b van de WWB De maatregelverordening Ioaw-Ioaz: de verordening gebaseerd op artikel 35 lid 1c (per 17-2010) van de Ioaw en artikel 35 lid 1c (per 1-7-2010) van de Ioaz. De maatregelverordening WIJ: de verordening gebaseerd op artikel 12 lid 1b van de WIJ fraude/misbruik: het opzettelijk verstrekken van onjuiste of onvolledige inlichtingen dan wel het opzettelijk in het geheel niet verstrekken van inlichtingen teneinde ten onrechte overheidsuitkeringen te verkrijgen. fraude/oneigenlijk gebruik: het door opzettelijk aangaan van rechtshandelingen, al dan niet gecombineerd met feitelijke handelingen, verkrijgen van overheidsuitkeringen, weliswaar in overeenstemming met den bewoordingen van de regelgeving, maar in strijd met de doelstellingen en strekkingen daarvan.’ Preventie:Alle handelingen (o.a. voorlichting en communicatie, controle) die het college verricht om fraude/oneigenlijk gebruik te voorkomen en te beschrijden. 2.. Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de wet en de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel