1.De subsidieontvanger mag, zonder voorafgaande toestemming van
burgemeester en wethouders, geen besluiten nemen over:
het wijzigen van zijn doelstelling;
het ontbinden van zijn rechtspersoon;
het doen van aangifte tot zijn faillissement of het aanvragen
van surseance van betaling;
het aangaan van overeenkomsten waarbij hij zich verbindt tot
zekerheidstelling voor schulden van derden of waarbij hij zich
als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt of zich voor
eenderde sterk maakt.
De subsidieontvanger mag zonder voorafgaande toestemming van
burgemeester en wethouders geen risicovolle beleggingen
aangaan.
De subsidieontvanger mag geen stille verpanding op gemeentelijke
subsidies of vorderingen aangaan.
Burgemeester en wethouders kunnen in bepaalde gevallen
vastgelegd in beleidsregels van het in lid 1 tot en met 3
bepaalde afwijken.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.4
Besluiten van de subsidieontvanger
Onderdeel van Algemene subsidieverordening Schiedam 2006