**1..** De alleenstaande ouder of het gezin met één of meer ten laste komende kinderen in de leeftijd van 5 tot en met 17 jaar heeft recht op een bijdrage indien:
gedurende de periode van minstens één jaar is aangewezen op een inkomen wat gemiddeld per maand niet uitkomt boven 105% van de geldende bijstandsnorm, en;
niet beschikt over in aanmerking te nemen vermogen.
**2..** Als periode bedoeld in het eerste lid, wordt in aanmerking genomen het kalenderjaar voorafgaande aan de datum waarop de aanvraag is ingediend.
**3..** Indien recht op een bijdrage op grond van deze verordening bestaat, kan voor dat betreffende kind géén beroep worden gedaan op individuele bijzondere bijstand als bedoeld in artikel 35, eerste lid, van de wet voor maatschappelijke participatie.
Artikel 3.
Recht op een bijdrage
Onderdeel van Verordening categoriale bijzondere bijstand bevordering maatschappelijke participatie schoolgaande kinderen