Het verzoek tot plaatsing van een burgerinitiatiefvoorstel op de agenda van de vergadering van de raad wordt door een initiatiefgerechtigde ingediend bij de voorzitter van de raad.
Het verzoek bevat ten minste:
een uitwerking van het burgerinitiatiefvoorstel, waaronder tenminste een aanduiding van het onderwerp, het beoogde doel van het voorstel en van het besluit dat van de raad wordt gevraagd;
een toelichting op het burgerinitiatiefvoorstel;
de achternaam, de voornamen, het adres, de postcode, de geboortedatum, het e-mailadres en het telefoonnummer van de indiener van het verzoek;
de achternaam, de voornamen, het adres, de postcode, de geboortedatum van initiatiefgerechtigden, die het verzoek ondersteunen.
Voor de indiening van het verzoek en de ondersteuningsverklaring wordt gebruik gemaakt van de daarvoor door de griffie beschikbaar gestelde formulieren, waarvan de modellen zijn opgenomen in de bijlagen 1 en 2 van deze verordening.