Het college stelt op aanvraag van de ouder vast of de ouder of
partner dan wel het kind van de ouder in aanmerking komt voor een
sociaal medische indicatie, en in welke mate uit dien hoofde voor
zover andere voorzieningen geen passender oplossing kunnen bieden,
kinderopvang in de zin van deze verordening noodzakelijk is.
Een aanvraag als bedoeld in het eerste lid wordt ingediend bij het
college door middel van een door het college vastgestelde
formulier.
Alvorens te besluiten, kan het college ten behoeve van de
vaststelling van de noodzakelijkheid van kinderopvang als bedoeld in
het eerste lid advies opvragen bij een onafhankelijk
adviesorgaan.
Het besluit van het college vermeldt de geldigheidsduur van de
indicatie.
Het college kan periodiek herindicatie verrichten van personen als
bedoeld in het eerste lid.
Het college stelt beleidsregels vast met betrekking tot de
tegemoetkoming in kosten voor de kinderopvang uit hoofde van een
sociaal medische indicatie.
Hoofdstuk 6.
Artikel 12
Sociaal medische indicatie
Onderdeel van Verordening kinderopvang Schiedam 2011