1. Het voornemen van het college om een particulier graf te ruimen wordt tenminste een jaar voorafgaande aan het tijdstip waarop het graf zal worden geruimd schriftelijk aan de rechthebbende, wiens adres bij haar bekend is, bekend gemaakt.
2. Het voornemen van het college om een algemeen graf te ruimen wordt tenminste zes maanden voorafgaande aan het tijdstip waarop het graf zal worden geruimd schriftelijk aan de belanghebbende, wiens adres bij haar bekend is, bekend gemaakt.
3. De bij de ruiming van een graf aanwezige overblijfselen van lijken en/of asbussen, worden begraven respectievelijk verstrooid op een door het college aangewezen gedeelte van de begraafplaats.
4. De rechthebbende op een particulier graf, particulier kindergraf of particuliere grafkelder kan bij de beheerder een aanvraag indienen om de overblijfselen te doen verzamelen om deze weder in dezelfde grafruimte te doen plaatsen dan wel om deze in een ander graf opnieuw te doen begraven.
5. De rechthebbende op een particulier urnengraf of urnennis kan bij de beheerder een aanvraag indienen de asbus ter beschikking te houden om deze weder in dezelfde ruimte te begraven of te plaatsen dan wel om deze in een ander graf te begraven, in een andere nis te zetten of te doen verstrooien.
6. De belanghebbende bij een algemeen graf kan gedurende een periode van één jaar voor beëindiging van de grafrusttermijn bij de beheerder een aanvraag indienen om bij de ruiming de overblijfselen te verzamelen voor herbegraving in een particulier graf.
7. Ruiming en herbegraving zoals bedoeld in lid 4, 5 en 6 zal niet eerder plaatsvinden dan na beëindiging van de minimale grafrusttermijn van de laatst in gebruik genomen begraaflaag.
8. De kosten welke gemoeid zijn met de werkzaamheden genoemd onder lid 4, 5 en 6 van dit artikel, komen voor rekening van de rechthebbende van of belanghebbende bij het betreffende graf.
9. Indien rechthebbende niet bekend is wordt bij het betreffende graf gedurende een jaar een bordje geplaatst ter kennis van de belanghebbenden.
Hoofdstuk 9
Artikel 30
Ruiming graf
Onderdeel van Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen Neder-Betuwe 2010