Naar hoofdinhoud
1.. bouwplaatsinrichtingen, mits; het college tenminste 3 weken voorafgaand aan de plaatsing van de bouwplaatsinrichting of bouwobjecten in kennis wordt gesteld door middel van een (digitaal) meldingsformulier; mits het geen openbare plaats of gedeelte daarvan in van rijkswege beschermd stads- en dorpsgezicht betreft; de duur van de ingebruikname van de openbare plaats of gedeelte daarvan aaneensluitend maximaal 3 maanden bedraagt; er aansluitend aan de periode van plaatsing geen eerdere melding is gedaan. 2.. losse bouwobjecten, uitgezonderd losse afval- of puincontainers en losse eco- en/of chemische toiletten, mits; het college tenminste 3 weken voorafgaand aan de plaatsing van de bouwplaatsinrichting of bouwobjecten in kennis wordt gesteld door middel van een (digitaal) meldingsformulier; mits het geen openbare plaats of gedeelte daarvan in van rijkswege beschermd stads- en dorpsgezicht betreft; ingebruikname van de openbare plaats of gedeelte daarvan aaneensluitend maximaal 3 maanden bedraagt; er aansluitend aan de periode van plaatsing geen eerdere melding is gedaan. 3.. herdenkingstekens, mits; het verkeer niet in gevaar wordt gebracht of ernstige hinder ontstaat voor de omgeving; het college tenminste 10 werkdagen voorafgaand aan de plaatsing van het herdenkingsteken in kennis wordt gesteld door middel van een (digitaal) meldingsformulier; de duur van de ingebruikname van de openbare plaats of gedeelte daarvan aaneensluitend maximaal 1,5 jaar bedraagt; er aansluitend aan de periode van plaatsing geen eerdere melding is gedaan; het plaatsen geschiedt door of met toestemming van een nabestaande.

Rechtspraak bij dit artikel