Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 4

Subsidiehoogte

Onderdeel van Subsidieverordening gemeentelijke monumenten in particulier bezit 2006

1.. De subsidie wordt berekend over de subsidiabele kosten van de voorzieningen die getroffen worden om het monument sober en doelmatig in stand te houden. 2.. De subsidie ten behoeve van het geheel of gedeeltelijk restaureren van het casco van het gemeentelijk monument bedraagt ten hoogste 50 % van de door burgemeester en wethouders vastgestelde subsidiabele kosten. Hieraan is een maximum verbonden van  31.765,00 per vier jaar per gemeentelijke monument. Dat betekent dat per restauratie een bedrag van maximaal  7.941,00 per jaar kan worden verstrekt. 3.. Subsidiabele kosten zijn de kosten van voorzieningen die nodig zijn om een monument in stand te houden. Hieronder vallen de door burgemeester en wethouders goedgekeurde bedragen van: de aanneemsom; de risicoverrekening van loon- en materiaalprijsstijgingen; de kosten van de architect overeenkomstig de SR 1988 en van de constructeur, voor zover inschakeling hiervan noodzakelijk is; de verschuldigde BTW, voor zover deze niet kan worden verrekend; een reservering voor noodzakelijk meerwerk, dat ten tijde van de raming van de hierboven genoemde kosten redelijkerwijs niet voorzien konden worden, tot maximaal 5% van de aanneemsom. 4.. Indien de eigenaar zelf werkzaamheden in het kader van restauratie en of onderhoud verricht, zijn diens materiaal kosten wel en diens mensuren (loonkosten) niet subsidiabel tenzij hij de werkzaamheden in het kader van een onderneming heeft verricht.

Rechtspraak bij dit artikel