Het raadslid van wie de arbeidsverhouding ingevolge artikel 4,
aanhef en onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 voor
de toepassing van die wet als dienstbetrekking wordt aangemerkt
kan deelnemen aan de fietsregeling. Naar keuze van het raadslid
wordt de raadsvergoeding dan wel vaste onkostenvergoeding
verminderd met de vergoeding voor de fiets.
Gelet op het bepaalde in artikel 99 van de Gemeentewet bestaat
geen aanspraak op enige vergoeding van de gemeente.
Hoofdstuk II
Artikel 10a
Fietsregeling
Onderdeel van Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden 2011