Naar hoofdinhoud

Artikel 1.

Begripsomschrijvingen

Onderdeel van Subsidiebeleidsregels 2012

Deze beleidsregels verstaan onder: activiteitensubsidie: een subsidie voor een prestatie, product of dienst die door de subsidieontvanger wordt geleverd en waarvoor het college nadere afspraken kan vastleggen in een uitvoeringsovereenkomst; b.algemene reserve: afgezonderde vermogensbestanddelen met een algemeen karakter, vrij aanwendbaar en met het doel eventuele bedrijfsrisico’s op te vangen; amateurkunst: activiteit op het gebied van muziek, dans, toneel, schilderkunst, beeldhouwkunst, audiovisuele kunst en literatuur, die niet professioneel, maar uit liefhebberij wordt uitgevoerd; basissubsidie: een subsidie voor vrijwilligersorganisaties in de vorm van een tegemoetkoming in de bestuurlijke kosten; begrotingsjaar: een kalenderjaar; bestemmingsreserve: afgezonderde vermogensbestanddelen waar vooraf een specifieke bestemming aan is gegeven; g.voorziening: tot het vreemd vermogen behorende vermogensbestanddelen die gevormd zijn met het oog op toekomstige verplichtingen, waarvan de omvang onzeker is, maar waarvan redelijkerwijs de hoogte kan worden geraamd; h.vrijwilliger: een persoon die in enig georganiseerd verband, onverplicht en onbetaald werk verricht voor andere mensen of voor de samenleving; vrijwilligersorganisatie: een organisatie zonder personeel, waar de werkzaamheden worden uitgevoerd door vrijwilligers. De begripsomschrijvingen in artikel 1 van de Algemene subsidieverordening zijn van toepassing op de begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt.

Rechtspraak bij dit artikel