Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4

Artikel 9

Weigeringgronden

Onderdeel van ALGEMENE SUBSIDIEVERORDENING OEGSTGEEST 2011

1.. De aanvraag voor een subsidie wordt naast het genoemde in artikel 4:25 lid 2 Awb geweigerd indien aantoonbare redenen bestaan om aan te nemen dat: de activiteiten niet aanwijsbaar gericht zijn of ten goede komen aan de gemeente of haar ingezetenen; de aanvrager doelstellingen beoogt of activiteiten zal ontplooien die in strijd zijn met de wet- en regelgeving, het algemeen belang of de openbare orde; de activiteiten uitsluitend of in hoofdzaak het doel hebben het uitdragen van religieuze, levensbeschouwelijke of politieke aard. 2.. De aanvraag voor een subsidie kan naast de in artikel 4.35 Awb genoemde gevallen geheel of gedeeltelijk worden geweigerd indien aantoonbare redenen bestaan om aan te nemen dat: de aanvrager voor dezelfde activiteiten reeds op andere wijze in voldoende inkomsten kan voorzien of door anderen hiervoor voldoende subsidie is verstrekt; de aanvrager niet alle benodigde vergunningen en ontheffingen ten behoeve van de te subsidiëren activiteiten heeft verkregen; het subsidiëren van de activiteit zal leiden tot oneigenlijke concurrentie met plaatselijke ondernemers; de activiteiten voor een eenmalige subsidie behoren tot de reguliere activiteiten van de aanvrager. 3.. De aanvraag voor een subsidie van € 25.000 of meer kan geheel of gedeeltelijk worden geweigerd indien het college van mening is dat de egalisatiereserve voor deze activiteiten van dusdanige omvang is dat de subsidie niet (geheel) nodig is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel