**1..** Het is de eigenaar of houder van een hond verboden die hond te laten verblijven of te laten lopen:
op de weg zonder dat die hond zich voldoende in iemands macht bevindt;
binnen de bebouwde kom op de weg zonder dat die hond aangelijnd is;
op het terrein van een andere rechthebbende zonder diens toestemming;
op een voor het publiek toegankelijke en kennelijk als zodanig ingerichte kinderspeelplaats, zandbak of speelweide of op een andere door het college aangewezen plaats;
op de weg indien die hond niet is voorzien van een halsband of een ander identificatiemerk dat de eigenaar of houder duidelijk doet kennen.
**2..** Het verbod als bedoeld in het eerste lid onder b geldt niet voor de door het college aangewezen, en door borden als zodanig aangegeven terreinen.
**3..** Het verbod geldt niet voorzover de eigenaar of houder van een hond zich vanwege zijn handicap door een geleidehond laat begeleiden en de hond als zodanig aantoonbaar gekwalificeerd is of indien een eigenaar of houder van een hond deze aantoonbaar gekwalificeerd opleidt tot geleidehond.
HOOFDSTUK 2 › AFDELING 4
Artikel 2.4.11
Loslopende honden, verboden plaatsen, identificatie
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening voor de gemeente Hardenberg