**1..** In deze afdeling wordt verstaan onder:
houtopstand: hakhout, een houtwal of een of meer bomen;
hakhout: een of meer bomen die na te zijn geveld, opnieuw op de stronk uitlopen;
knotten/kandelaberen: het tot op de oude snoeiplaats verwijderen van uitgelopen takhout bij knotbomen, gekandelaberde bomen of leibomen als periodiek noodzakelijk onderhoud;
dunning: velling ter bevordering van het voortbestaan van veelal gelijksoortige houtopstand, waarin individuele bomen niet onderhouden worden en waarbij bomen onderling concurreren om leefruimte;
bebouwde kom: de bebouwde kom van de gemeente, vastgesteld ingevolge artikel 1, vijfde lid, van de Boswet;
iepziekte: de aantasting van iepen door de schimmel Ophiostoma ulmi (Buism.) Nannf. (syn. Ceratocystis ulmi (Buism.) C. Moreau);
iepenspintkever: het insect, in elk ontwikkelingsstadium, behorende tot de soorten Scolytus scolytus (F.) en Scolytus multistratius (Marsh) en Scolytus pygmaeus.
**2..** In deze afdeling wordt onder vellen mede verstaan rooien, met inbegrip van verplanten, alsmede het verrichten van handelingen die de dood of ernstige beschadiging of ontsiering van houtopstand ten gevolge kunnen hebben.
HOOFDSTUK 4 › AFDELING 4
Artikel 4.4.1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening voor de gemeente Hardenberg