Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 3.5.

Kettingbeding.

Onderdeel van Algemene voorwaarden voor de verkoop van grond

1.. De koper is verplicht en verbindt zich jegens de gemeente, die dit voor zich aanvaardt, het bepaalde in de daartoe in de verkoopovereenkomst aangewezen artikelen bij overdracht van het geheel of een gedeelte van de onroerende zaak, alsmede bij de verlening daarop van een zakelijk recht, aan de nieuwe eigenaar of zakelijk gerechtigde op te leggen en in verband daarmee, om het in die artikelen bepaalde in de notariële akte of bij verlening van het zakelijk recht woordelijk op te nemen, zulks op verbeurte van een direct opeisbare boete van vijftigduizend euro ten behoeve van de gemeente, met bevoegdheid voor deze laatste om daarnaast nakoming en/of de eventueel meer geleden schade te vorderen. 2.. Op gelijke wijze als hiervoor onder lid 1 bepaald, verbindt de koper zich jegens de gemeente tot het bedingen bij wijze van derdenbeding van de nieuwe eigenaar of zakelijk gerechtigde dat ook deze zowel het bepaalde in de in lid 1 bedoelde artikelen, als de in lid 1 en in het onderhavige lid 2 opgenomen verplichting om dit door te geven, en zal opleggen aan diens rechtsopvolgers/zakelijk gerechtigden, zulks op verbeurte van een direct opeisbare boete van vijftigduizend euro ten behoeve van de gemeente. Elke opvolgende vervreemder neemt daarbij namens en ten behoeve van de gemeente het beding aan.

Rechtspraak bij dit artikel