Indien de vrijwillige inburgeraar de verplichtingen die zijn neergelegd
in de overeenkomst niet of in onvoldoende mate nakomt, kan het college,
conform artikel 24f van de wet, de volgende sancties opleggen:
De sanctie bedraagt € 250,00 indien de vrijwillige inburgeraar
geen of onvoldoende medewerking verleent aan de uitvoering van
de voor hem vastgestelde voorziening, bedoeld in artikel 24d van
de wet of aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 4.5 van deze
verordening.
Als de vrijwillige inburgeraar geen of onvoldoende medewerking
blijft verlenen aan de uitvoering van de voor hem vastgestelde
voorziening kan de sanctie onder onderdeel a verhoogd worden tot
de gemaakte kosten van het traject. Tevens kan het college
besluiten de vrijwillige inburgeraar uit te sluiten van de
voorziening.
Het college stemt de hoogte van de sanctie af op de ernst van de
nalatige gedraging, de mate waarin deze nalatige gedraging aan
de vrijwillige inburgeraar kan worden verweten en houdt rekening
met de omstandigheden waarin de vrijwillige inburgeraar
verkeert.
Het college kan afzien van het opleggen van een sanctie als
daarvoor dringende redenen aanwezig zijn.
Indien de vrijwillige inburgeraar belanghebbende is in de zin
van de Wet werk en bijstand (WWB) of de Wet investeren in
jongeren (WIJ) wordt, met inachtneming artikel 37 van de wet,
geen sanctie opgelegd, maar een maatregel in het kader van de
WWB of WIJ.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.7
- Sancties bij niet-nakoming van de overeenkomst
Onderdeel van Verordening Wet inburgering Geldrop-Mierlo 2011