**1..** In het belang van een milieuhygiënisch verantwoorde en een doelmatige verwijdering van afvalstoffen heeft het openbaar lichaam primair tot taak:
zorg te dragen voor de inzameling van huishoudelijke afvalstoffen als bedoeld in artikel 10.21, eerste lid van de Wet milieubeheer;
zorg te dragen voor de inzameling van grove huishoudelijke afvalstoffen als bedoeld in artikel 10.22, eerste lid onder a. van de Wet milieubeheer;
zorg te dragen voor de afzonderlijke inzameling van groente- fruit- en tuinafval als bedoeld in artikel 10.21, tweede lid van de Wet milieubeheer en van andere bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen krachtens artikel 10.21 derde lid van de Wet milieubeheer;
zorg te dragen voor de inzameling van de in dit lid onder a t/m c bedoelde afvalstoffen, die ter verwerking worden geaccepteerd op de door de gemeenten of de Dienst op te richten en in stand te houden brengvoorzieningen, als bedoeld in artikel 10.22, eerste lid sub b. van de Wet milieubeheer;
zorg te dragen voor het machinaal verwijderen en verwerken van veegvuil, bladeren alsmede het verwijderen en (doen) verwerken van kolkenslib;
zorg te dragen voor het aankopen, distribueren, vervangen en onderhouden van middelen ter uitvoering van de onder a tot en met e genoemde taken;
zorg te dragen voor de inzameling en het (doen) verwerken van bedrijfsafvalstoffen,
het behartigen van de gemeenschappelijke belangen van de deelnemende gemeenten in het kader van de rechten en plichten ten opzichte van de Vereniging Afvalsamenwerking Limburg (ASL), die neergelegd zijn in de door de aangesloten gemeenten afgesloten contracten;
**2..** Naast de in lid 1 genoemde taken, kunnen aan het openbaar lichaam ook andere taken op het terrein van afvalstoffenverwijdering worden overgedragen, welke daartoe door de besturen van de deelnemende gemeenten bij eensluidend besluit worden aangewezen.
**3..** Een nieuwe c.q. gewijzigde taak als bedoeld in het vorige lid kan slechts worden opgedragen indien tweederde van de gezamenlijke bestuursorganen van de gemeenten, waarin tenminste tweederde van het aantal aansluitingen gevestigd is, zich daarvoor hebben verklaard.
**4..** Een deelnemende gemeente onthoudt zich van afspraken of overeenkomsten met een of meer niet deelnemende gemeenten en/of anderen inzake de krachtens de leden 1 en 2 opgedragen taken, behoudens toestemming van het algemeen bestuur.
HOOFDSTUK 3.
Artikel 4.
Belang en taken.
Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling "Reinigingsdienst Maasland"