Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk XI

Artikel 29

De begroting

Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Noord- en Midden- Limburg

1.. Het dagelijks bestuur maakt jaarlijks een ontwerpbegroting van inkomsten en uitgaven op, voorzien van een toelichting en zendt dit ontwerp uiterlijk 1 mei van het jaar, voorafgaand aan het jaar waarop de begroting betrekking heeft, toe aan de raden van de gemeenten. 2.. De raden van de gemeenten kunnen binnen 6 weken na de datum van toezending omtrent de ontwerpbegroting aan het dagelijks bestuur van hun zienswijze doen blijken. Het dagelijks bestuur voegt de commentaren waarin deze zienswijze is vervat bij de ontwerpbegroting en biedt het ontwerp aan het algemeen bestuur ter vaststelling aan. 3.. Het algemeen bestuur stelt de begroting uiterlijk vóór 14 juli van het jaar, voorafgaand aan het jaar waarvoor deze geldt, vast. 4.. Nadat de begroting is vastgesteld zendt het algemeen bestuur deze vóór 15 juli aan Gedeputeerde Staten en voorts zo nodig ter kennisneming aan de raden van de gemeenten, die binnen een maand na de datum van toezending schriftelijk aan Gedeputeerde Staten van hun zienswijze kunnen doen blijken, onder gelijktijdige toezending van een afschrift aan het dagelijks bestuur. 5.. Het bepaalde in het tweede en vierde lid van dit artikel is mede van toepassing op besluiten tot wijziging van de begroting.

Rechtspraak bij dit artikel