**1..** Een huishouden komt in aanmerking voor maximaal één basisvergunning,
geldig binnen een conform artikel 3 aangewezen vergunninggebied,
indien aan de volgende voorwaarden voldaan wordt:
de aanvrager uit dat huishouden staat ingeschreven in de
Gemeentelijke Basisadministratie Persoonsgegevens van de
gemeente als bewoner van dat huishouden binnen het
betreffende vergunninggebied;
of
de aanvrager uit dat huishouden staat ingeschreven in de
Gemeentelijke Basisadministratie Persoonsgegevens van de
gemeente als bewoner van dat huishouden in het gedeelte
Stadshart dat conform art. 2, lid 2, hiertoe door het
college is aangewezen;
én
de aanvrager uit dat huishouden eigenaar of houder is van
een motorvoertuig, op welk kenteken de vergunning afgegeven
wordt, of eigenaar of houder is van een brommobiel;
én
de aanvrager uit dat huishouden woonachtig is in een woning
waartoe geen eigen parkeergelegenheid behoort danwel wanneer
deze aanvrager niet kan of had kunnen beschikken over eigen
parkeergelegenheid.
**2..** Indien een aanvrager conform het bepaalde in lid 1 in aanmerking
komt voor een basisvergunning, kan het college deze vergunning
verlenen indien de beschikbare parkeerruimte dat naar het oordeel
van het college toelaat.
**3..** Indien een aanvrager conform het bepaalde in lid 2 in aanmerking
komt voor een basisvergunning en deze vergunning niet verleend wordt
omdat de beschikbare parkeerruimte dat naar het oordeel van het
college niet toelaat, wordt deze aanvrager op een wachtlijst
geplaatst.