De belasting als bedoeld in artikel 2 bedraagt per jaar:
voor een perceel dat in hoofdzaak tot woning dient: € 230,14;
voor een perceel dat niet of niet in hoofdzaak tot woning dient, voor elke toegevoerde of opgepompte kubieke meter leiding- of grondwater:
€ 230,14 voor de eerste 500 m³;
€ 330,14 boven de 500 m³ tot en met 1.500 m³;
€ 430,14 boven de 1.500 m³ tot en met 3.000 m³;
€ 530,14 boven de 3.000 m³ tot en met 5.000 m³;
€ 630,14 boven de 5.000 m³ tot en met 7.500 m³;
€ 730,14 boven de 7.500 m³ tot en met 10.000 m³;
€ 830,14 boven de 10.000 m³ tot en met 15.000 m³;
€ 930,14 boven de 15.000 m³;
voor een perceel dat enkel regenwater afvoert: 0,15% van de WOZ-waarde tot een maximum van € 230,14.
Als sprake is van een veehouderijbedrijf, met of zonder woongedeelte, wordt het tarief als bedoeld in lid 2 berekend naar maximaal 500 kubieke meters toegevoerd of opgepompt leiding- of grondwater.
voor de berekening van de belasting geldt een gedeelte van een kubieke meter voor een volle kubieke meter.
Belastingbedragen tot € 10,- per object worden niet ingevorderd.