**1..** Alle begrippen die in deze verordening gebruikt worden en die hieronder in het tweede lid niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Wet investeren in jongeren en de Algemene wet bestuursrecht.
**2..** In deze verordening wordt verstaan onder:
wet of WIJ : Wet investeren in jongeren;
algemeen geaccepteerde arbeid: alle arbeid, niet zijnde arbeid in het kader van de Wet Sociale Werkvoorziening, die algemeen maatschappelijk aanvaard is en niet indruist tegen de openbare orde of goede zeden;
startkwalificatie: een diploma van een opleiding als bedoeld in artikel 7.2.2, eerste lid, onderdelen b tot en met e, van de Wet educatie en beroepsonderwijs of een diploma hoger algemeen voortgezet onderwijs of voorbereidend wetenschappelijk onderwijs als bedoeld in artikel 7 onderscheidenlijk 8 van de Wet op het voortgezet onderwijs;
WIJ-norm: de op grond van hoofdstuk 4 van de wet op de jongere van toepassing zijnde norm, vermeerderd of verminderd met de door het college vastgestelde verhoging of verlaging;
maatregel: de verlaging van de inkomensvoorziening op grond van artikel 41, eerste lid van de wet; f. benadelingsbedrag: het bedrag van de ten onrechte aan de jongere verstrekte inkomensvoorziening
en de daarover door het college verschuldigde belastingen, premies en vergoedingen, bedoeld in
artikel 54, vierde lid van de wet.
**3..** In deze verordening wordt mede verstaan onder benadelingsbedrag: de kosten van het werkleer-
aanbod.