Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 1

Artikel 3.2

Afstemming en afwijking genoemde percentages

Onderdeel van Verordening investeren in jongeren

1.. Onverminderd artikel 42 van de wet verlaagt het college, overeenkomstig deze verordening, het bedrag van de aan de jongere toegekende inkomensvoorziening, indien de jongere naar het oordeel van het college de op hem rustende verplichtingen, bedoeld in hoofdstuk 5 van de wet, of de uit artikel 30c, tweede lid of derde lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen voortvloeiende verplichtingen, niet of onvoldoende nakomt, dan wel zich jegens het college of zijn ambtenaren zeer ernstig misdraagt. 2.. Van de in de artikelen 3.5 tot en met 3.9.1 van deze verordening genoemde percentages kan worden afgeweken op grond van de ernst van de gedraging, de mate waarin de jongere de gedraging verweten kan worden en de omstandigheden waarin de jongere verkeert. 3.. Van het opleggen van een verlaging wordt in ieder geval afgezien indien elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt. 4.. Indien daarvoor dringende redenen aanwezig zijn kan het college besluiten af te zien van het opleggen van een verlaging.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel