Leges worden niet geheven voor:a. het raadplegen van de bij de gemeente berustende openbare registers door ambtenaren in de uitoefening van hun functie;b. het in behandeling nemen van aanvragen van verklaringen omtrent inkomen en vermogen.c. het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een vergunning ten behoeve van kerkelijke, liefdadige of daarmede gelijk te stellen instellingen alsmede voor het maken van propaganda door politieke partijen met uitzondering van de in Titel 2, onderdeel 2.3.5.1 tot en met 2.3.5.4 van de tarieventabel genoemde (omgevings-) vergunningen. Voor het begrip ‘liefdadige of daarmede gelijk te stellen instellingen’ wordt uitgegaan van de door het Centraal Bureau Fondsenwerving (CBF) gehanteerde lijst van instellingen;d. het in behandeling nemen van een aanvraag tot verlening van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onderdeel i, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, voor zover het een activiteit betreft bedoeld in artikel 2.2a van het Besluit omgevingsrecht (omgevingsvergunning beperkte milieutoets).
Artikel 3
Vrijstellingen.
Onderdeel van 2012-10 Verordening op de heffing en invordering van leges 2012