Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 1.1

Begripsbepalingen

Onderdeel van Warenmarktverordening Pijnacker-Nootdorp 2011

markt: de door het college ingestelde warenmarkt; marktterrein: de gehele openbare of voor het publiek toegankelijke oppervlakte grond, die bij of krachtens artikel 1.2 van het Marktreglement Pijnacker-Nootdorp 2011 is aangewezen voor het uitoefenen van de markthandel; standplaats: de ruimte die voor de duur van de markt is aangewezen voor het uitoefenen van de markthandel; vaste standplaats: de standplaats die voor onbepaalde tijd ter beschikking is gesteld aan een vergunninghouder; dagplaats: de standplaats die per marktdag beschikbaar wordt gesteld aan een vergunninghouder, omdat deze niet als vaste plaats is toegewezen dan wel ingenomen; standwerken: de activiteit waarbij de vergunninghouder publiek om zich heen verzamelt, over het te verkopen artikel een aansprekende uiteenzetting houdt en ten slotte tracht een aantal personen gelijktijdig tot aankoop van dat artikel te bewegen. standwerkersplaats: de standplaats die per marktdag ter beschikking wordt gesteld om te standwerken; vergunninghouder: degene aan wie door het college vergunning is verleend voor het innemen van een standplaats; marktmeester: de persoon die als zodanig is aangewezen door het college; branche-indeling: de indeling in artikelengroepen en het aantal vastgestelde vaste plaatsen per artikelengroep; college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Pijnacker-Nootdorp; anciënniteitslijst: de lijst van vergunninghouders van een vaste standplaats.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel